In de 19dc eeuw heeft Brussel beschaamd haar bakermat, de Zenne, willen verbergen.
De landelijke charme van deze rivier, slingerend door de Brabantse laagvlakten, bestond niet meer. De industrialisatie had de oevers aangetast en het water, waaruit enkel nog ongezonde dampen opstegen, ernstig vervuild. Door het onvoorspelbare karakter van de rivier kende men rampzalige toestanden: soms vonden er verwoestende overstromingen plaats, dan weer droogde de Zenne volledig uit.
De Brusselaars wilden deze vreselijke situatie onder controle krijgen. Vanaf de 15de eeuw werd hier al aan gedacht. De eerste ingreep werd het bouwen van een sluis.
In de 19de eeuw was de rivier een open riool geworden en besloten de stadsbestuurders de Zenne te overwelven. Tegelijkertijd werd er ook een grote stedebouwkundi-ge operatie op touw gezet, een eerste poging van toepassing van ruimtelijke ordening. Later bleek dit echter een slecht compromis, want ze hadden hun ambities niet ver genoeg door kunnen zetten. Ook andere fouten, ontstaan door gebrek aan een globale visie over stedelijke politiek buiten de gemeentelijke grenzen, werden begaan. Deze ervaringen rijk, zetten het Gewest, de Stad en de deeluitmakende Gemeentes zich gezamelijk in om een stedelijk landschap dat aan de sociale en economische verwachtingen beantwoordt, te definiëren. Een stad waar ook rivieren recht van bestaan hebben.

gelijkaardige artikelen zoeken per categorie
gelijkaardige artikelen zoeken per onderwerp: